Thema: pastoraat aan jongeren

"Ik vind catechisatie helemaal niet erg, hoor", zei een jongere tegen mij. "Alleen… het mag wel iets praktischer. Ik denk dat het best belangrijk is als je iets leert over de drie ambten van Christus of over de Drie-eenheid. Maar wat kan ik er mee in mijn dagelijkse leven?"

Deze eerlijke opmerkingen zetten mij aan het denken. Zijn we in onze manier van leren, zowel in de leerdiensten als op catechisatie niet te veel bezig met het overbrengen van dogmatische kennis? We proberen onze kinderen en jongeren veel kennis mee te geven over grote theologische standpunten waar grote theologen al heel wat debatten over gevoerd hebben. Ja, ik ben het er van harte mee eens dat je in je leven dingen moet leren. Er moet van alles verteld en uitgelegd worden. Maar het is van groot belang om deze kennis ook toe te passen. Wat kun je er meer in de praktijk van het leven? Anders heb je alleen maar kleine theoloogjes die niks kunnen met de kennis die ze gekregen hebben. Die exact weten hoe God werkt en anderen die iets anders denken veroordelen, maar daarmee houdt het op. In een van zijn boeken zegt de Gereformeerde Kuitert: ‘Allemaal kleine theoloogjes, die gereformeerde protestanten. Hoe meer men wist, hoe beter men kon meekomen in de kerk.’  Ik moet zeggen dat ik niet zoveel met Kuitert heb. Maar zijn citaat zette mij wel aan het denken. Misschien doet hij hier wel een  pijnlijke constatering

Soms wordt er verzucht dat onze jongeren zo weinig weten. Dat zou kunnen. Overigens kun je je dan afvragen hoe dat komt. Als jongeren van jongsaf in de kerk zitten, als ze christelijke of reformatorische scholen bezoeken, naar catechisatie gaan enzovoorts. Gaat er dan iets mis in de kennisoverdracht?
Toch vraag ik me ook af of onze jongeren echt zo weinig weten.  Alleen ben ik bang dat de kennis die ze hebben geen betekenis voor hen heeft.

Ik zou een pleidooi willen voeren om meer na te denken over onze leerdiensten en de catechisaties. Jacobus Koelman, de schrijver van ‘Pligten der ouders’ zegt dat ouders (en daarmee alle andere opvoeders) zich tot het uiterste moeten inspannen om hun kinderen ‘als aan uw hand tot Jezus te leidden’. Hoe? Voor Koelman was dat heel helder. Regelmatig lees je in zijn boek: ‘Spreek (veel) met hen…’ Spreek veel met hen over de Heere, de zonde, Christus, de Zaligmaker, de doop, de dood en het graf, de hel en de hemel. Voor Koelman stond daar het lezen van de Bijbel centraal.

Laten we dat ook op catechisatie weer centraal stellen. Niet de methode, niet onze eigen verhalen, maar lezen, overdenken en zoeken wat de Heere zegt. Niet wat Hij zegt over andere mensen, maar wat Hij zegt over ons. Samen zoeken wat Zijn Woorden betekenen voor vandaag. Welk is dan het voordeel van den Jood? Of welk is de nuttigheid der besnijdenis? Vele in alle manier; want dit is wel het eerste, dat hun de Woorden Gods zijn toebetrouwd. Laten we dat voordeel koesteren. Dag in, dag uit. Niet om kleine theoloogjes te maken, maar om leesbare brieven te schrijven. Geworteld en gefundeerd in het Woord.

Jaco Pons

Jeugdwerkadviseur