Thema: mensen met een beperking

Een kleiner dan állerkleinst, onzichtbaar en ongrijpbaar virus vliegt de wereld over. Maar er vliegt nóg iets over de wereld dat net zo ongrijpbaar is: beeld en geluid.

Eerst is er ‘Skype’: oma ontmoet via de laptop haar (klein)kinderen in Amerika. Maar het fenomeen ‘bezoek op afstand’ explodeert, en het verspreidt zich zelfs over ons reformatorische wereldje. We ‘Appen’ (met beeld), we ‘Zoomen’, we ‘Hangen out’ en hebben ‘Meetings’; we vormen ‘Teams’ met Jan-en-alleman.

Whereby’…? We zijn overál bij, maar dan digitaal.

Onze zoon Peter (36) is ernstig meervoudig beperkt (EMB). Hij woont in ‘Muiderheim’ in Genemuiden. In de eerste fase van de pandemie kunnen we niet op bezoek komen. Later wordt er een ‘gespreksunit’ op het terrein geplaatst. Gescheiden door glas kun je dan toch je familielid ontmoeten. Peter is blind, dus voor hem heeft dat weinig meerwaarde. Wij beperken ons daarom tot lieve woorden in zijn oor via de telefoon.

Op een duur is bezoek weer mogelijk, op zijn eigen kamer en met mondkapje.

Helaas houdt het virus geen halt bij ‘Muiderheim’. Ook een groepsgenoot van Peter komt aan corona te overlijden.

Voor ons gevoel gaat het met de ‘vierde golf’ net als aan het strand: de ene golf komt aanrollen, steeds verder en verder… en als die zich terugtrekt komt de volgende er al aan.

Die golven maken dat de bewoners soms in quarantaine moeten. En wie besmet raakt moet in isolatie. Dat is voorwaar geen kleinigheid, zéker niet voor de EMB-groep! De mogelijkheden voor contact, activiteiten en recreatie zijn voor hen sowieso al heel beperkt. Maar als je een week of langer binnen de muren van je kamer moet blijven wordt de wereld wel héél klein. Het is ook zwaar voor de verzorgende die zich telkens in beschermende kleding moet hijsen, en dat meerdere keren per dag. Ook Peter heeft dit meegemaakt, hoewel de besmetting bij hem gelukkig mild verlopen is.

Onder die omstandigheden is bezoek-op-afstand een uitkomst. Daar maken we dan ook dankbaar gebruik van. Op een afgesproken tijd maken we via ‘Whereby’ verbinding. Peter zit dan in de regel al klaar. Voor hem voegt het beeld niets toe, maar voor ons des te meer. Direct als hij onze stemmen hoort zien we hem al reageren. Er komt een brede smile op z’n gezicht en zijn niet-spastische linkerarm zwaait enthousiast heen en weer.

Dan ontstaat er een ‘gesprek’: “Ha die Peter…..! Wat fijn dat we je weer zien. Wat zie je er weer mooi uit. Je haren zijn netjes gekamd. Wat wil je ons vertellen? (…) Straks gaan jullie kóffie drinken! We zien dat je daar al zin in hebt. Lekker, kóffie…!” Omdat we woordjes en klanken telkens herhalen is er herkenning.

Zo ontstaat er een soort conversatie. Peter reageert meestal opgewekt en enthousiast. Zijn vocabulaire is beperkt. Woordjes als “ja-ja, ief (=lief) poppa (=pappa) en mamma” komen er herkenbaar uit. Vast onderdeel is een ‘fluitritueel’ van pappa: “Let op Peter, daar komt-ie: één… twee… drie… fúúúút!” Dat twee keer herhalen en Peter schatert het uit.

In de regel leest mamma nog een poosje voor en zingen we wat.

Het is een groot voorrecht dat Peter woont in ‘eigen sfeer’. Dagelijks wordt er uit de Bijbel gelezen, gebeden en gezongen. Psalmen hebben daarbij duidelijk Peters voorkeur. Die zingen we dan ook graag voor hem. En als we elkaar ’s avonds via beeld en geluid hebben ontmoet sluiten we zo’n ‘Whereby’-sessie meestal af met Bijbellezen en gebed. Dan weten we hem in goede Handen.

 

Bert Regterschot