Thema: persoonlijk

Als er net een fietser voor je neus is aangereden en je belt de alarmlijn, dan is één van de eerste vragen die je te horen krijgt: “is de patiënt bij bewustzijn?” Een vraag van levensbelang. Het zegt iets over de ernst van het letsel. Als iemand buiten bewustzijn is, reageert hij niet meer op wat je vraagt, op wat hij voelt, op wat je zegt, omdat hij zich niet bewust is van je vragen en handelingen. 

Over bewustzijn is veel geschreven en gepraat. Dat is ook niet zo gek: het is het middel dat we gebruiken om onszelf en de wereld om ons heen waar te nemen en er mee om te gaan. Als die patiënt niet merkt dat hij een grote wond heeft en op de weg blijft liggen, is er grote kans dat hij opnieuw aangereden wordt of overlijdt ten gevolge van bloedverlies. Tenzij dat er iemand zich bewust is van de situatie waarin de patiënt zich bevindt en voor veiligheid gaat zorgen.

Het bewustzijn beïnvloedt ons denken, ons goed of niet goed voelen, ja, ons hele menszijn. We weten het allemaal, maar in de praktijk zijn we vaak goed in (doen als we) een olifantenhuid hebben. Bewust of onbewust.

De laatste jaren wordt me zowel persoonlijk als in de praktijk van alle dag, steeds meer duidelijk dat het bij bewustzijn zijn en blijven helemaal niet zo vanzelfsprekend is. We vliegen door in de waan van de dag. We moeten veel, we kunnen veel en we doen veel. Maar het bewust bewustzijn blijkt een stuk moeilijker. Het woord lethargie vliegt door mijn hoofd. In de Van Dale heeft dit woord twee betekenissen: een diepe slaap of een doffe onverschilligheid. 

En het is vooral die schijnbare onverschilligheid, die ik vaak bemerk. De pijnprikkels die we wel krijgen, maar waar we ons niet bewust van zijn, het roepen van je naam: ‘hoor je me?’ Bij mezelf en de mensen om me heen: ook in de spreekkamer. Of misschien juist wel in de spreekkamer. Alsof we in de intercity in plaats van in de boemel gestapt zijn: we racen door het leven heen. We missen regelmatig wat onderweg.

Bewustzijn begint met waarneming: waarnemen dat we denken en voelen.  Waarnemen dat we ons blij of verdrietig voelen. Waarnemen dat we iets moeilijk vinden. 
Maar nemen we daar nog wel de tijd voor? Die intercity brengt ons toch sneller op de bestemming? Tsja soms is dat noodzakelijk. Maar eerlijk gezegd schrik ik daar ook een beetje van: als je altijd het hele land doorgereisd hebt en je hebt nog nooit bewust de Hollandse luchten en de dromerige koeien gezien, de drukte van de stad en het verstilde platteland: in hoeverre heb je Nederland dan écht gezien? Wat kun je dan vertellen van al je reizen? Dat de treinvertraging had (zoals ik elk land wel eens zal gebeuren)? Dat het druk was (zoals in een willekeurige Parijse metro ook het geval zal zijn)? 

Hoeveel minuten per dag zijn we echt bezig met waar we mee bezig zijn? Hoeveel minuten per dag heeft iets je volle aandacht? Hoeveel minuten horen we echt wat er tijdens een preek gezegd wordt? Dat vergt bewustzijn, dat vraagt ons om te zijn waar we zijn. Bewusteloosheid of minder bewustzijn ligt de hele dag op de loer: hoe vaak gebeurt het niet dat je zoon of dochter je iets vraagt en je op de automatische piloot antwoord geeft? Dat je achter je mobiel zit en amper hoort wat er om je heen gebeurt? Hoe vaak ga je gewoon door met waar we mee bezig, zonder dat je je afvraagt waar je mee bezig ben? Hoeveel minuten per zijn dag we in het heden en niet met het verleden of met de toekomst bezig? 

Hoe meer ik erop ga letten, hoe minder momenten het lijken te worden. “Goed dat je het ziet”, zou mijn collega zeggen en ik ben het met hem eens. Bewust zijn schept mogelijkheden. Het geeft weer ruimte om te voelen, om ons bewust te zijn, om keuzes te mogen maken. Om te leven!

En dan ben ik toch ook dankbaar voor deze coronaperiode. Ik denk dat ik mijn lesje wel geleerd heb. Hoe heerlijk is het om vijf minuten van huis de ondergaande zon te zien boven het water, met Konikpaarden in een grasmat vol boterbloemen? Hoe heerlijk om de kikkers te horen kwaken in de sloot. Even opladen. Puur en alleen omdat je even stilstaat. Ik gun het je van harte! Even stilstaan…

Maar soms is sluimeren ook heerlijk. En heel af en toe…. dan verlang ik stiekem even naar vroeger. Toen ik kon doorgaan tot ik er nog net niet bij neerviel en ik over m’n gevoel heen leefde. Naar de tijd dat ik nog een olifantenhuid had. Geen ramp overigens om dat verlangen af en toe te hebben; dat is immers ook bewust zijn. Goed dat ik het zie ;-) 
 

Suzanne den Breejen

psycholoog bij Stichting De Vluchtheuvel